Statuten Nederlandse Handboog Bond
Versie: 4 september 2002 -I -
1
2 Concept -STATUTEN NEDERLANDSE HANDBOOG BOND
3
4
5 Artikel 1: Naam, zetel en duur
6 Artikel 2: Doel
7 Artikel 3: Organisatie
8 Artikel 4: Leden
9 Artikel 5: Algemene rechten en verplichtingen
10 Artikel 6: Rechtspraak en geschillen
11 Artikel 7: Tuchtrechtspraak
12 Artikel 8: Einde lidmaatschap
13 Artikel 9: Beleid
14 Artikel 10: Bondsbestuur
15 Artikel 11: Taken en bevoegdheden bondsbestuur
16 Artikel 12: Bestuursvergaderingen
17 Artikel 13: Vertegenwoordiging
18 Artikel 14: Rayons
19 Artikel 15: Beleidsvoorbereidende commissies
20 Artikel 16: Taakgroepen, commissies en rsv's
21 Artikel 17: Bureau
22 Artikel 18: Boekhouding en financiën
23 Artikel 19: Rekening en verantwoording
24 Artikel 20: De bondsraad
25 Artikel 21: Het bijeenroepen van de bondsraad
26 Artikel 22: Toegang tot de bondsraad
27 Artikel 23: Agenda van de bondsraad
28 Artikel 24: Besluiten
29 Artikel 25: Nietigheid en vernietigbaarheid van besluiten
30 Artikel 26: Reglementen en uitvoeringsbesluiten
31 Artikel 27: Statuten
32 Artikel 28: Ontbinding en vereffening
33
34
35 Artikel 1 -Naam, zetel en duur
36 1. De vereniging draagt de naam: Nederlandse Handboog Bond en wordt in de statuten
37 reglementen nader aangeduid als: NHB.
38 2. De NHB is een vereniging met volledige rechtsbevoegdheid.
39 3. De zetel van de NHB is gevestigd te 's -Hertogenbosch.
40 4. De NHB is opgericht op vijf maart negentienhonderdtweeentwintig als Algemene Nederlandse
41 Bond van Handboogschutterijen en is aangegaan voor onbepaalde tijd.
42
43 Artikel 2 -Doel
44 1. De NHB stelt zich ten doel het beoefenen en bevorderen van de handboogsport in al zijn
45 verschijningsvormen in Nederland en het behartigen van de belangen van de leden.
46 2. De NHB tracht haar doel onder meer te bereiken door:
47 a. het bevorderen en het doen houden van wedstrijden en competities;
48 b. het doen houden van nationale kampioenschappen en het deelnemen aan internationale
49 wedstrijden;
50 c. voorts alles te doen wat tot het gestelde doel bevorderlijk kan zijn.
51


Statuten Nederlandse Handboog Bond Versie: 4 september 2002 -2 -

52
53 Artikel 3 -Organisatie
54 1. De NHB kent een bondsbestuur dat leiding geeft aan de NHB en daarvoor verantwoording aflegt
55 aan de bondsraad, die is samen gesteld uit afgevaardigden van de rayons, waaronder alle leden
56 naar woonplaats ressorteren.
57 2. Een rayon kent een bestuur (rayonbestuur) en een algemene vergadering (rayonvergadering), als
58 bedoeld in artikel 14.
59 3. De NHB kent drie onderdelen: Organisatie, Breedtesport en Topsport. Ten aanzien van elk
60 onderdeel adviseren beleidsvoorbereidende commissies, als bedoelde in artikel 15.
61 4. De NHB kent voorts nog andere commissies en onder de rayons ressorterende rsv's waarin
62 regionaal leden samenwerken, als bedoeld in artikel16.
63 5. Organen van de NHB zijn het bondsbestuur en de bondsraad, een rayonbestuur en een
64 rayonvergadering, de tuchtcommissie en de commissie van beroep, alsmede die personen en
65 commissies die op grond van de statuten door de bondsraad zijn belast met een nader
66 omschreven taak en aan wie daarbij beslissingsbevoegdheid is toegekend.
67
68 Artikel 4 -Leden
69 1. De NHB kent als lid:
70 a. verenigingen met volledige rechtsbevoegdheid (verenigingen);
71 b. natuurlijke personen die lid zijn van een onder a. bedoelde vereniging (verenigingsleden);
72 c. natuurlijke personen die zich rechtstreeks bij de NHB als lid hebben aangemeld, die geen lid
73 zijn van een vereniging, als bedoeld onder a. en die niet als deelnemer aan wedstrijden
74 deelnemen (persoonlijke leden).
75 2. Het bondsbestuur beslist over de toelating van leden. Indien het bondsbestuur niet tot toelating
76 besluit kan de bondsraad op verzoek van de betrokkene alsnog tot toelating besluiten.
77 3. De wijze van toelating wordt in het Algemeen Reglement geregeld.
78 4. De bondsraad is bevoegd leden in categorieën onder te verdelen en voor elke categorie
79 afwijkende rechten en verplichtingen vast te stellen.
80 5. Het bondsbestuur houdt een ledenregister bij. In dit register worden alleen die gegevens
81 bijgehouden welke voor de realisering van het doel van de NHB noodzakelijk zijn. Na
82 voorafgaande toestemming van de bondsraad kan het bondsbestuur geregistreerde gegevens aan
83 derden verstrekken, behalve van het lid dat tegen die verstrekking bij het bondsbestuur
84 schriftelijk bezwaar heeft gemaakt.
85 6. Op voorstel van het bondsbestuur kan de bondsraad een persoon die zich in het kader van de
86 doelstelling van de handboogsport in het algemeen en voor de NHB in het bijzonder
87 verdienstelijk heeft gemaakt het predikaat 'lid van verdienste' verlenen.
88 7. Op voorstel van het bondsbestuur kan de bondsraad een persoon die zich die zich in het kader
89 van de doelstelling van de handboogsport in het algemeen en voor de NHB in het bijzonder
90 gedurende lange tijd zeer verdienstelijk heeft gemaakt het predikaat 'erelid' verlenen.
91
92 Artikel 5 - Algemene rechten en verplichtingen
93 1. Leden van de NHB zijn verplicht:
94 a. de statuten, reglementen en besluiten van organen van de NHB na te leven;
95 b. de belangen van de NHB en/of van de handboogsport in het algemeen niet te schaden;
96 c. alle overige verplichtingen welke de NHB in naam of ten behoeve van de leden aangaat of
97 welke uit het lidmaatschap van de NHB voortvloeien, te aanvaarden en na te komen.
98 2. Verenigingen zijn verplicht in hun statuten een bepaling op te nemen op grond waarvan leden
99 van die verenigingen verplicht zijn het lidmaatschap van de NHB aan te vragen en na toelating
100 tot de NHB verplicht zijn te handelen in overeenstemming met de statuten, reglementen en
101 besluiten van de NHB.

Statuten Nederlandse Handboog Bond
Versie: 4 september 2002 -3 -

102 3. Het bondsbestuur is bevoegd aan de leden verplichtingen van financiële en andere aard op te
103 leggen en om verbintenissen aan het lidmaatschap te verbinden.
104 4. De NHB kan ten behoeve van de leden rechten bedingen. Tenzij het betreffende lid zich
lO5 daartegen verzet, kan de NHB voor het lid nakoming van bedongen rechten en
106 schadevergoeding vorderen. De NHB kan bovendien ten laste van de leden verplichtingen
107 aangaan. Tot deze verplichtingen behoren onder meer het aanvaarden en nakomen van
108 verplichtingen welke de NHB is aangegaan met betrekking tot sponsoring en de rechten van t.v.-
109 registraties en -uitzendingen.
110 5. Behalve in deze statuten kunnen aan de leden verplichtingen worden opgelegd bij reglement of
111 bij besluit van een orgaan.
112 6. Een lid is verplicht zijn financiële verplichtingen op de door de NHB aangegeven datum (de
113 vervaldatum) te voldoen. Indien het lid een maand na de vervaldatum niet geheel aan zijn
114 financiële verplichtingen heeft voldaan, is hij vanaf die datum zonder recht van beroep
115 uitgesloten van deelname aan de activiteiten van de NHB totdat hij geheel aan zijn financiële
116 verplichtingen heeft voldaan. Gedurende die periode kan het lid in de NHB geen rechten
117 uitoefenen en blijft hij verplicht te voldoen aan alle verplichtingen welke uit het lidmaatschap
118 voortvloeien.
119 7. Verenigingen zijn verplicht uiterlijk I januari op de door het bondsbestuur bepaalde wijze
120 opgave te doen van al hun verenigingsleden per 31 december van het voorafgaande jaar
121 (peildatum). Het bondsbestuur is bevoegd het opgegeven aantal verenigingsleden op juistheid te
122 controleren. Indien een vereniging niet al haar leden heeft opgegeven, is de vereniging voor
123 ieder verenigingslid dat niet is opgegeven een onmiddellijk opeisbare boete van EURO 60,-
124 verschuldigd.
125 Het bondsbestuur doet hiervan schriftelijk mededeling aan de vereniging met opgave van de
126 datum waarvoor de boete op de bankrekening van de NHB moet zijn bijgeschreven. Indien de
127 opgelegde boete niet tijdig is voldaan, kan het bondsbestuur de desbetreffende vereniging het
128 recht op deelname aan de activiteiten van de NHB ontzeggen totdat de boete geheel is voldaan.
129 8. Indien een lid niet tijdig voldoet aan zijn financiële verplichtingen tegenover de NHB, is het lid
130 vanaf de vervaldatum over het verschuldigde bedrag de wettelijke rente verschuldigd. Blijft het
131 lid geheel of gedeeltelijk in gebreke, nadat hem een nieuwe termijn voor betaling is gegund, dan
132 is het lid behalve de wettelijke rente ook 15% aan buitengerechtelijke kosten over het
133 oorspronkelijke bedrag verschuldigd. Volhardt het lid in zijn verzuim, dan is hij naast de
134 wettelijke rente en buitengerechtelijke kosten ook alle redelijkerwijs voor de inning van zijn
135 schuld aan de NHB door een advocaat of deurwaarder gemaakte kosten verschuldigd, tenzij de
136 rechter anders beslist.
137 9. Het gebruik of doen gebruiken van verboden stimulerende middelen (doping) is verboden.
138 Leden zijn verplicht hun volledige medewerking te geven aan dopingcontroles en zich te houden
139 aan het Dopingreglement.
140 10. Verenigingsleden en persoonlijke leden onthouden zich tegenover andere leden van elke vorm
141 van seksueel gedrag of seksuele toenadering, in verbale, non verbale of fysieke zin, opzettelijk
142 of onopzettelijk, die door het andere lid, die het ondergaat, als ongewenst of gedwongen wordt
143 ervaren. Het in strijd handelen met deze bepaling geldt als een overtreding, als geregeld in het
144 Tuchtreglement.
145
146 Artikel 6 -Rechtspraak en geschillen
147 1. De in dit artikel bedoelde rechtspraak of bemiddeling is van toepassing op alle Ieden van de
148 NHB.
149 2. In geval van overtreding van de statuten, een reglement en/of een besluit is het bepaalde in het
150 artikel 1 van toepassing.
151 3. Geschillen tussen leden onderling welke samenhangen met of voortvloeien uit de doelstelling
152 van de NHB worden naar keuze van partijen beslecht door:

Statuten Nederlandse Handboog Bond
Versie: 4 september 2002 -4 -

153 a. mediation volgens het Mediationreglement, of anders door
154 b. arbitrage volgens het Arbitragereglement, indien en zodra het Instituut Sportrechtspraak de
155 mogelijkheid daartoe biedt.
156 Mediation is een wijze van beslechten van geschillen waarbij partijen zelf onder leiding van een
157 onafhankelijk mediator tot een oplossing van hun geschil komen, welke oplossing wordt
158 vastgelegd in een partijen bindende vaststellingsovereenkomst.
159 4. Geschillen tussen leden of tussen een lid en een sponsor worden, voor zover deze betrekking
160 hebben op sponsoring, naar keuze van partijen beslecht door:
161 a. mediation volgens het Mediationreglement, of anders door
162 b. arbitrage volgens het Arbitragereglement van de door NOC*NSF en het genootschap voor
163 Reclame (sectie sponsoring) ingestelde Arbitragecommissie Sportsponsoring.
164 5. Een geschil tussen een lid en een niet -lid kan alleen door mediation of arbitrage worden beslecht
165 indien die derde zich daartoe vooraf schriftelijk bereid heeft verklaard
166 6. Een geschil tussen een lid en de NHB kan niet door arbitrage worden beslecht, maar alleen door
167 de burgerlijke rechter of door mediation indien en voor zover de NHB tot die mediation bereid
168 is.
169 7. Indien een beslissing als bedoeld in dit artikel tot gevolg heeft dat een besluit geheel of
170 gedeeltelijk wordt vernietigd, kan hieraan door het betrokken lid noch door derden enig recht op
171 schadeloosstelling worden ontleend, terwijl evenmin aanspraak kan worden gemaakt op het
172 opnieuw houden van een wedstrijd, op een gewijzigde uitslag of op een gewijzigde uitslag van
173 een examen.
174
175 Artikel 7 -Tuchtrechtspraak
176 .In dit artikel wordt de tuchtrechtspraak van het Instituut Sportrechtspraak geïncorporeerd. De
177 redactie van dit artikel zal nog worden
gewijzigd indien het Instituut in een Stichting wordt
178 ondergebracht en wanneer
de positie van de Dopingkamer anders wordt geregeld indien nog
179 meer sportbonden (daarvoor) tot het instituut toetreden.
180 1. Alle leden van de NHB zijn onderworpen aan de onafhankelijke tuchtrechtspraak van de NHB.
181 2. Op de tuchtrechtspraak van de NHB is van toepassing het Tuchtreglement van het Instituut
182 Sportrechtspraak, in deze statuten en in reglementen nader aan te duiden als het Tuchtreglement.
183 Het Tuchtreglement geldt als een Tuchtreglement van de NHB en wordt door het Instituut
184 vastgesteld en gewijzigd. De bondsraad bekrachtigt in haar eerstvolgende vergadering formeel
185 de vaststelling en wijziging van het Tuchtreglement en is niet bevoegd daarin wijzigingen aan te
186 brengen. Het Tuchtreglement treedt in werking op de door de bondsraad vastgestelde datum.
187 Wijzigingen in het Tuchtreglement treden in werking op de datum waarop de bondsvergadering
188 de wijziging vaststelt, van welke wijziging en datum door het bondsbestuur aan de leden
189 mededeling wordt gedaan in de Officiële Mededelingen.
190 3. De tuchtrechtspraak in de NHB wordt -met uitsluiting van andere organen van de NHB -
191 uitgeoefend door de tuchtcommissie en de commissie van beroep van het Instituut
192 Sportrechtspraak. Zowel de tuchtcommissie als de commissie van beroep spreken recht in naam
193 van de NHB en zijn voor zover zij zaken van de NHB behandelen een orgaan van de NHB.
194 Waar in de statuten en reglementen wordt gesproken over 'tuchtcommissie' en 'commissie van
195 beroep' worden de tuchtcommissie en commissie van beroep van het Instituut Sportrechtspraak
196 bedoeld. Met de tuchtcommissie en de commissie van beroep van het Instituut Sportrechtspraak
197 worden mede bedoeld de kamers en de algemeen voorzitter van beide commissies indien deze
198 krachtens het Tuchtreglement bevoegdheden uit oefenen.
199 4. Het Tuchtreglement regelt de wijze van benoeming van de leden van de tuchtcommissie en van
200 de commissie van beroep, hun samenstelling, bevoegdheden en werkwijze, alsmede de

Statuten Nederlandse Handboog Bond
Versie: 4 september 2002 -5 -

201 overtredingen en hun aangifte, de op te leggen straffen, de procesgang en de rechten en
202 verplichtingen van het in overtreding zijnde lid.
203 5. De tuchtcommissie en de commissie van beroep bestaan uit kamers. Met inachtneming van het
204 daaromtrent in het Tuchtreglement bepaalde kan de bondsraad van de NHB leden benoemen
205 voor die kamer van de tuchtcommissie onderscheidenlijk van de commissie van beroep, die
206 belast zal zijn met de behandeling van overtredingen die zijn begaan in de NHB. De benoeming
207 van deze leden door de bondsraad geschiedt op de wijze zoals is geregeld voor de benoeming,
208 schorsing en ontslag van commissieleden. Indien de NHB niet het benodigde aantal leden
209 benoemt, geschiedt de benoeming van de niet door de bondsraad benoemde leden voor bedoelde
210 periode door het Instituut Sportrechtspraak.
211 6. Ingevolge het Tuchtreglement is strafbaar -en derhalve een overtreding -elk handelen of
212 nalaten:
213 a. waardoor een bepaling in de Statuten of reglementen niet wordt nagekomen, dit reglement,
214 spelregels en wedstrijdbepalingen hieronder begrepen;
215 b. dat in strijd is met een besluit van een orgaan of van een commissie van de NHB;
216 c. waardoor de belangen van de NHB worden geschaad;
217 d. waarbij een lid zich jegens een ander lid, een orgaan, of een commissie van de NHB niet
218 gedraagt naar hetgeen door de redelijkheid en billijkheid wordt verlangd.
219 7. De tuchtcommissie en commissie van beroep zijn tevens met uitsluiting van andere organen van
220 de NHB bevoegd een lid uit het lidmaatschap te ontzetten (royement), na een daartoe door het
221 bondsbestuur bij de tuchtcommissie gedane aangifte met het verzoek het desbetreffende lid uit
222 het lidmaatschap te ontzetten. Ontzetting is alleen mogelijk wanneer een lid in ernstige mate in
223 strijd handelt met de statuten, reglementen of besluiten van de NHB dan wel de NHB op
224 onredelijke wijze benadeelt. Een door de tuchtcommissie uit het lidmaatschap van de NHB
225 ontzet lid kan daarvan op de in het Tuchtreglement aangegeven wijze in beroep gaan bij de
226 commissie van beroep. Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid
227 geschorst. Tijdens zijn schorsing is het lid gehouden diens verplichtingen na te komen en
228 worden diens rechten opgeschort, met uitzondering van de rechten die het lid in het
229 Tuchtreglement zijn toegekend.
230 8. De uitspraken van de tuchtcommissie en de commissie van beroep gelden als uitspraken van de
231 NHB, welke uitspraken het desbetreffende lid en de overige leden van de NHB binden. Alle
232 leden, organen en commissies van de NHB zijn gehouden mede te werken aan de ten
233 uitvoerlegging van door de tuchtcommissie en de commissie van beroep opgelegde straffen.
234 9. Indien een beslissing van de tuchtcommissie, de commissie van beroep of van het bondsbestuur
235 tot gevolg heeft dat een besluit geheel of gedeeltelijk wordt vernietigd, kan hieraan door het
236 betrokken lid noch door derden enig recht op schadeloosstelling worden ontleend terwijl
237 evenmin aanspraak kan worden gemaakt op het opnieuw houden van een wedstrijd of op het
238 wijzigen van de uitslag.
239 10. In afwijking van het bepaalde in lid 3 is het bondsbestuur bevoegd bij overtreding van het
240 Dopingreglement met inachtneming van dat reglement een ordemaatregel te nemen, welke
241 ordemaatregel voor haar duur bindend is. Van die ordemaatregel is beroep mogelijk bij de
242 algemeen voorzitter van de tuchtcommissie, wier beslissing niet bindend is voor de door de
243 tuchtcommissie nadien te behandelen aangifte van de overtreding.
244 11. Leden van de NHB die door de commissie van beroep zijn bestraft voor een
245 dopingaangelegenheid kunnen daarvan in beroep gaan bij de Court of Arbitration (CAS) te
246 Lausanne (Zwitserland). Op deze laatste beroepsprocedure zijn van toepassing de reglementen
247 en besluiten van de CAS.

Statuten Nederlandse Handboog Bond
Versie: 4 september 2002 -6 -

248
249
250 Artikel 8 -Einde lidmaatschap
251 I. Het lidmaatschap van de NHB eindigt:
252 a. van verenigingen: door opzegging of ontzetting (royement);
253 b. van verenigingsleden: door hun dood, opzegging, ontzetting of door de beëindiging van hun
254 lidmaatschap van hun vereniging;
255 c. van persoonlijke leden: door hun dood, opzegging of royement.
256 2. Indien de NHB het lidmaatschap van een verenigingslid beëindigt, is de vereniging gehouden
257 het lidmaatschap van het desbetreffende verenigingslid door opzegging met onmiddellijke
258 ingang te beëindigen. Worden door de vereniging nog andere takken van sport beoefend, dan is
259 de vereniging gehouden slechts het lidmaatschap van het lid van de afdeling Handboogsport te
260 beëindigen.
261 3. Het lid kan zijn lidmaatschap opzeggen tegen het einde van het boekjaar. Een lid kan voorts het
262 lidmaatschap met onmiddellijke ingang opzeggen binnen een maand nadat:
263 a. hem een besluit is medegedeeld tot omzetting van de NHB in een andere rechtsvorm, dan
264 wel tot fusie of splitsing van de NHB;
265 b. hem een besluit is bekend geworden of meegedeeld waarbij zijn rechten zijn beperkt of zijn
266 verplichtingen zijn verzwaard, in welk geval het besluit door de opzegging niet op hem van
267 toepassing is.
268 Het lidmaatschap kan niet met onmiddellijke ingang worden opgezegd wanneer het een
269 wijziging van rechten en verplichtingen betreft die nauwkeurig zijn omschreven of wanneer een
270 verplichting van geldelijke aard wordt gewijzigd.
271 4. In andere gevallen kan een lid het lidmaatschap voorts met onmiddellijke ingang door
272 opzegging beëindigen, indien redelijkerwijs niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten
273 voortduren.
274 5. Opzegging door de NHB geschiedt door het bondsbestuur. De NHB kan het lidmaatschap
275 opzeggen tegen het einde van het boekjaar. Opzegging door de NHB kan geschieden wanneer:
276 a. het lid zijn verplichtingen tegenover de NHB niet of niet tijdig nakomt, waaronder -doch
277 niet uitsluitend -die van artikel 5;
278 b. de belangen van de NHB of van de handboogsport schaadt;
279 c. het lid niet voldoet aan de vereisten die de statuten voor het lidmaatschap stellen.
280 6. Voorts kan de NHB het lidmaatschap met onmiddellijke ingang door opzegging doen
281 beëindigen indien redelijkerwijs van de NHB niet kan worden verlangd het lidmaatschap te laten
282 voortduren.
283 7. Een opzegging tegen het einde van het boekjaar geschiedt met inachtneming van een
284 opzeggingstermijn van vier weken. Is niet tijdig opgezegd, dan geldt de opzegging tegen het
285 einde van het daaropvolgende boekjaar. Is ten onrechte met onmiddellijke ingang opgezegd, dan
286 eindigt het lidmaatschap op het vroegst toegelaten tijdstip volgend op de datum waartegen was
287 opgezegd. Zolang het lidmaatschap niet is beëindigd, behoudt het lid zijn rechten en moet hij
288 zijn verplichtingen nakomen.
289 8. Behalve in geval van overlijden en royement, blijft een lid dat heeft opgezegd nog lid tot ten
290 hoogste het einde van het boekjaar volgend op dat waarin werd opgezegd, zolang het lid niet
291 heeft voldaan aan zijn geldelijke verplichtingen tegenover de NHB, of zolang een
292 aangelegenheid waarbij het lid is betrokken niet is afgewikkeld, de tenuitvoerlegging van een
293 opgelegde straf hieronder begrepen. Het bondsbestuur stelt alsdan de datum vast waarop het
294 lidmaatschap eindigt.
295
296 Artikel 9 -Beleid
297 A. Meerjarenplan

Statuten Nederlandse Handboog Bond
Versie: 4 september 2002 -7 -

298 1. De Bondsraad is verantwoordelijk voor de vaststelling van het meerjaren plan voor de
299 onderdelen breedtesport, topsport en organisatie van de NHB
300 2. Het bondsbestuur is verantwoordelijk voor de voorbereiding van het meerjaren plan op de
301 onderdelen topsport en organisatie
302 3. Het bondsbestuur laat zich bij het voorbereiden van het meerjarenplan op de onderdelen topsport
303 en organisatie ondersteunen door beleidsvoorbereidende topsport- en organisatie commissies en
304 professioneel kader
305 4. De rayonbesturen zijn verantwoordelijk voor de voorbereiding van het meerjaren plan op het
306 onderdeel breedtesport
307 5. De rayonbesturen laten zich bij het voorbereiden van het meerjarenplan op het onderdeel
308 breedtesport ondersteunen door beleidsvoorbereidende discipline commissies en door het
309 professioneel kader
310 6. Het bondsbestuur is verantwoordelijk voor het toezicht op de uitvoering van het meerjarenplan
311 en de vertaling hiervan in het jaarplan van de NHB en legt daarover achteraf verantwoording af
312 aan de bondsraad.
313 B. Jaarplan
314 7. Het bondsbestuur is verantwoordelijk voor de voorbereiding en vaststelling van het jaarplan op
315 de onderdelen topsport en organisatie en het overkoepelende nationale jaarplan voor de
316 breedtesport.
317 8. Het bondsbestuur laat zich bij het voorbereiden van het jaarplan op de onderdelen topsport en
318 organisatie ondersteunen door beleidsvoorbereidende topsport -en organisatiecommissies en
319 professioneel kader.
320 9. De rayonbesturen zijn verantwoordelijk voor de voorbereiding en vaststelling van de
321 rayonjaarplannen op het onderdeel breedtesport.
322 10. De rayonbesturen laten zich bij de voorbereiding van de rayonjaarplannen ondersteunen door
323 beleidsvoorbereidende discipline commissies en professioneel kader
324 11. Het bondsbestuur is verantwoordelijk voor de voorbereiding en vaststelling van het nationaal
325 jaarplan breedtesport, welke gebaseerd is op de door de rayonbesturen vastgestelde
326 rayonjaarplannen en overkoepelend nationaal breedtesportbeleid.
327 12. Het bondsbestuur laat zich bij de voorbereiding van het nationaal jaarplan breedtesport
328 ondersteunen door beleidsvoorbereidende discipline commissies en professioneel kader.
329 13. Het bondsbestuur is verantwoordelijk voor het toezicht op de uitvoering van de jaarplannen
330 breedtesport, topsport en organisatie en legt repressief verantwoording af aan de bondsraad.
331 C. Uitvoering Jaarplan
332 14. De uitvoering van de jaarplannen geschiedt voor de navolgende onderdelen door:
333 a. breedtesport: rayons, verenigingen en samenwerkingsverbanden van verenigingen;
334 b. topsport: kernploegen;
335 c. organisatie: commissies.
336 15. Het bondsbestuur legt voor de uitvoering van het jaarplan topsport en organisatie en nationaal
337 jaarplan breedtesport jaarlijks repressief verantwoording af aan de bondsraad.
338 16. De rayonbesturen leggen voor de uitvoering van de rayonjaarplannen breedtesport achteraf
339 verantwoording af aan hun rayonvergadering.
340 D. Toehoorder en toezicht
341 17. Leden van het bondsbestuur kunnen als toehoorder deelnemen aan vergaderingen van
342 commissies die het meerjarenbeleid en het jaarbeleid van de NHB in opdracht van het
343 bondsbestuur op het gebied van organisatie en topsport voorbeiden.

Statuten Nederlandse Handboog Bond
Versie: 4 september 2002 -8 .

344 18. Indien leden van het bondsbestuur constateren dat de beleidsvoornemens van de desbetreffende,
345 commissie niet in overeenstemming zijn met het door de bondsraad vastgestelde
346 meerjarenbeleid, verzoeken zij de commissie het beleid hiermee in overeenstemming te
347 brengen. Wanneer dit niet gebeurt of inhoudelijke verschillen van inzicht over het voorgenomen
348 beleid blijven bestaan, beslist het bondsbestuur ten aanzien van het jaalplan en de bondsraad ten
349 aanzien van het meerjarenplan. Voornoemde is tevens van toepassing op de rayonjaarplannen
350 breedtesport.
351
352 Artikel 10 -Het bondsbestuur .
353 1. Het bondsbestuur bestaat uit ten minste vijf en maximaal zeven meerderjarige personen. De
354 bondsraad bepaalt het aantal bestuursleden.
355 2. De leden van het bondsbestuur worden door de bondsraad uit de verenigingsleden en de
356 persoonlijke leden benoemd. De voorzitter, de secretaris en de penningmeester worden in
357 functie benoemd en kunnen persoonlijk lid zijn. De overige functies, waaronder die van vice -
358 voorzitter, worden door de leden van het bondsbestuur onderling verdeeld. De functie van vice -
359 voorzitter kan worden gecombineerd met die van secretaris of penningmeester.
360 3. De benoeming van bestuursleden geschiedt zodanig dat in het bondsbestuur twee leden als
361 portefeuillehouder zijn belast met het onderdeel Organisatie, twee leden als portefeuillehouder
362 met het onderdeel Breedtesport en twee leden als portefeuillehouder met het onderdeel Topsport.
363 4. Het lidmaatschap van het bondsbestuur is niet verenigbaar met het lidmaatschap van een
364 rayonbestuur en van de kascommissie, de tuchtcommissie of de commissie van beroep.
365 5. Het bondsbestuur en/of drie bondsafgevaardigden kunnen schriftelijk kandidaten stellen tot
366 uiterlijk de datum waarop de definitieve agenda voor de betreffende vergadering van de
367 bondsraad wordt verzonden.
368 6. Indien de benoeming in functie geschiedt, geschiedt ook de kandidaatstelling in functie.
369 7. De leden van het bondsbestuur worden benoemd voor een periode van vier jaar. Van de na die
370 periode aftredende bestuursleden zijn maximaal drie bestuursleden herkiesbaar voor maximaal
371 twee jaar. Het bondsbestuur treft hiervoor zelf een regeling en bij het ontbreken van
372 overeenstemming beslist de bondsraad.
373 8. Bondsbestuursleden treden in functie de dag na hun benoeming en treden af aan het eind van de
374 dag van de vergadering van de bondsraad, waarin de duur van hun benoeming eindigt of waarin
375 zij aftreden. In een tussentijdse vacature wordt zo mogelijk tijdens de eerstvolgende vergadering
376 van de bondsraad voorzien.
377 9. Het bestuur stelt een rooster van aftreden op. In een tussentijdse vacature wordt zo mogelijk op
378 de eerstvolgende bondsraad voorzien.
379 10. Na de benoeming van bondsbestuursleden worden de functies verdeeld en de taken van ieder .
380 bondsbestuurslid vastgesteld, waarvan mededeling wordt gedaan aan de leden. Ieder
381 bondsbestuurslid is tegenover de NHB gehouden tot een behoorlijke vervulling van zijn taak.
382 Indien het een aangelegenheid betreft die tot de werkkring van twee of meer leden van het .
383 bondsbestuur behoort, is ieder van hen voor het geheel aansprakelijk ter zake van een
384 tekortkoming, tenzij deze niet aan hem te wijten is en hij niet nalatig is geweest in het treffen
385 van maatregelen om de gevolgen daarvan af te wenden.
386 11. Een lid van het bondsbestuur kan, ook al is hij voor bepaalde tijd benoemd, te allen tijde door de
387 bondsraad, met twee derden van de uitgebrachte stemmen worden ontslagen of geschorst. Een
388 schorsing kan worden opgelegd voor ten hoogste drie maanden. Behalve wanneer de schorsing
389 eindigt door een besluit tot ontslag of bedanken, eindigt de schorsing door tijdsverloop of eerder
390 door een besluit tot opheffing van de schorsing. De bondsraad neemt haar besluit niet eerder dan
391 nadat het desbetreffende bondsbestuurslid door de bondsraad is gehoord, althans daartoe in de
392 gelegenheid is gesteld.

Statuten Nederlandse Handboog Bond
Versie: 4 september 2002 -9 -

393 12. Het lidmaatschap van het bondsbestuur eindigt door overlijden, ontslag, bedanken, door het
394 verstrijken van de duur van de (her)benoeming en wanneer het lidmaatschap van de NHB
395 eindigt. Voorts eindigt het lidmaatschap van het bestuur indien het bestuurslid wordt benoemd
396 in een functie die onverenigbaar is met het lidmaatschap van het bondsbestuur.
397
398 Artikel 11 -Taken en bevoegdheden bondsbestuur
399 1. Tenzij de statuten anders bepalen, is het bondsbestuur belast met het besturen van de NHB,
400 zulks met inachtneming van het bepaalde in artikel 9.
401 2. Het bondsbestuur is verantwoordelijk voor de organisatie van de bond en voor het
402 werknemersbeleid, en houd toezicht op de besteding van de middelen door de rayonbesturen,
403 topsportteam en bondsbureau.
404 3. Het bondsbestuur kan met behoud van zijn verantwoordelijkheid bepaalde onderdelen van zijn
405 taak door rayonbesturen, topsportteams of bondsbureau doen uitvoeren. Bovendien is het
406 bondsbestuur bevoegd -al dan niet tegen betaling -werkzaamheden aan derden op te dragen.
407 4. Het bondsbestuur ziet toe op de naleving van de statuten, reglementen en door de NHB
408 genomen besluiten en kan deze taak onder haar verantwoordelijkheid delegeren aan een
409 bondssenator.
410 6. Het bondsbestuur is na voorafgaande goedkeuring van de bondsraad bevoegd te besluiten tot het
411 aangaan van overeenkomsten tot het verkrijgen, het vervreemden of het bezwaren van
412 registergoederen en tot het aangaan van overeenkomsten waarbij de NHB zich als borg of
413 hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot
414 zekerheidstelling voor een schuld van een ander verbindt.
415 7. Het bondsbestuur is bevoegd beslissingen te nemen waarvan de financiële verplichtingen de
416 voor dat boekjaar vastgestelde begroting in totaal met niet meer dan 5% overschrijden. Bedraagt
417 de overschrijding meer dan 5% maar niet meer dan 10%, dan is het bondsbestuur bevoegd de
418 voorgenomen beslissingen te nemen, na voorafgaande toestemming van de commissie
419 financieel management
420 8. Indien het aantal bondsbestuursleden beneden het aantal van vijf is gedaald, blijft het
421 bondsbestuur bevoegd. Het is echter verplicht alsdan zo spoedig mogelijk een bondsraad bijeen
422 te roepen om in de vacatures te voorzien.
423
424 Artikel 12 -Bestuursvergaderingen
425 1. Het bondsbestuur vergadert zo dikwijls de voorzitter of twee andere bondsbestuursleden dit
426 gewenst achten.
427 2. De voorzitter bepaalt de wijze van vergaderen. Het bondsbestuur kan ook anders dan in een
428 bijeenkomst vergaderingen houden, mits alle betrokken bondsbestuursleden daaraan
429 of in geval van afwezigheid verklaard hebben met die wijze van vergaderen in te stemmen.
430 2. Het bondsbestuur kan slechts rechtsgeldige besluiten nemen, indien ten minste drie leden aan de
431 vergadering deelnemen of daarin door een aanwezig bestuurslid vertegenwoordigd zijn.
432 3. Indien de stemmen in een bondsbestuursvergadering staken, wordt het voorstel in een tweede
433 stemronde of in een volgende bestuursvergadering opnieuw in stemming gebracht. Staken de
434 stemmen dan wederom, dan wordt het voorstel geacht te zijn verworpen.
435
436 Artikel 13 -Vertegenwoordiging
437 1. Het bondsbestuur vertegenwoordigt de NHB.
438 2. De NHB wordt voorts vertegenwoordigd door twee gezamenlijk handelende leden van het
439 bondsbestuur, alsmede door een lid van het bondsbestuur en de directeur.

Statuten Nederlandse Handboog Bond
Versie: 4 september 2002 -10.

440 3. Het bondsbestuur of twee gezamenlijk handelende leden van het bondsbestuur kunnen een ander
441 bondsbestuurslid of een derde schriftelijk machtigen om de NHB te vertegenwoordigen in de
442 gevallen en onder de voorwaarden die uit de verstrekte volmacht blijken.
443 4. De vertegenwoordigingsbevoegdheid van het bondsbestuur en van de gezamenlijk handelende
444 bondsbestuursleden kan niet worden beperkt of aan voorwaarden worden gebonden. De
445 vertegenwoordigingsbevoegdheid van personen aan wie een volmacht is verleend, kan in die
446 volmacht naar aard en omvang worden beperkt en/of aan voorwaarden worden gebonden.
447 5. De directeur is bevoegd de NHB te vertegenwoordigen tot de bedragen en rechtshandelingen, als
448 vermeld in de volmacht die bij het Handelsregister is gedeponeerd.
449 6. Personen aan wie hetzij op grond van deze statuten, hetzij een volmacht
450 vertegenwoordigingsbevoegdheid is verleend, oefenen die bevoegdheid niet uit dan nadat
451 hiertoe een bestuursbesluit is genomen waarbij tot het aangaan van de desbetreffende .
452 rechtshandeling is besloten.
453
454 Artikel 14 -Rayons
455 1. De bondsraad stelt rayons in, heft deze op en bepaalt voorts hun werkterrein en/of hun grenzen.
456 2. De leden ressorteren onder het rayon binnen wier gebied zij woonachtig of gevestigd zijn.
457 3. Het rayonbestuur bestaat uit ten minste vijf bestuursleden, die worden gekozen door de onder
458 dat rayon ressorterende leden. De verkiezing van de voorzitter van het rayon en de overige
459 leden van het rayonbestuur geschiedt uit de voorgestelde kandidaten door een schriftelijke
460 afzonderlijke stemming. Kandidaten kunnen door de leden van het rayon schriftelijk worden
461 aangemeld bij het rayonbestuur of het bondsbestuur. De rayonvergadering stelt het aantal
462 bestuursleden vast. De rayonbestuursleden worden benoemd voor de duur van vier jaar en
463 kunnen telkens aansluitend voor een periode van maximaal twee jaar worden herbenoemd. Het
464 zittende rayonbestuur organiseert de verkiezingen en kandidaatstelling.
465 4. Een rayonvergadering bestaat uit alle onder dat rayon ressorterende leden. De verenigingen
466 vertegenwoordigen op de rayonvergadering zichzelf en hun verenigingsleden. De persoonlijke
467 leden vertegenwoordigen zichzelf in de rayonvergadering.
468 5. De rayonbesturen zijn verantwoordelijk voor de voorbereiding, bepaling en de uitvoering van
469 het breedtesportbeleid van de NHB zowel ten aanzien van het jaarplan als de uitvoering
470 daarvan. In het kader van het topsportbeleid van de NHB dragen de rayons zorg voor
471 talentherkenning en -ontwikkeling. Daarnaast voeren de rayons een op het eigen rayon gericht
472 specifiek beleid, mits dit in overeenstemming is met het meerjarenplan. De overige taken en
473 bevoegdheden van een rayon worden in het Rayonreglement vastgelegd.
474 6. Voor de werkzaamheden op het gebied van breedtesport is het rayonbestuur verantwoording
475 verschuldigd aan de bondsraad. Voor het specifiek op de eigen rayon gericht beleid is het
476 rayonbestuur verantwoording verschuldigd aan de rayonvergadering.
477 7. Elk rayon regelt uitsluitend de zaken die het eigen rayon betreffen.
478 8. Een rayon is verplicht met betrekking tot besluiten die naar het oordeel van een van de rayons of
479 van het bondsbestuur mede de belangen van een ander rayon raken, overleg te plegen met dat
480 rayonbestuur. Komen de rayonbesturen niet tot overeenstemming dan beslist het bondsbestuur.
481 9. Een rayonbestuur doet uiterlijk 1 februari van elk jaar aan het bondsbestuur schriftelijk verslag
482 van het in het afgelopen boekjaar ontwikkelde en uitgevoerde beleid, alsmede van gerealiseerde
483 activiteiten en projecten. In dat verslag wordt tevens de financiële verantwoording opgenomen,
484 dat na goedkeuring door het bondsbestuur wordt opgenomen in het financiële jaarverslag van de
485 NHB dat ter goedkeuring aan de bondsraad wordt voorgelegd.
486 10. De notulen van vergaderingen van een rayonbestuur of van een rayonvergadering worden
487 binnen zeven dagen na die vergadering ter kennis van het bondsbestuur en van de andere
488 rayonbesturen gebracht.
489
490 Artikel 15 -Beleidsvoorbereidende commissies

Statuten Nederlandse Handboog Bond
Versie: 4 september 2002 -11 -


491 1. Ten aanzien van het onderdeel Organisatie wordt het bondsbestuur geadviseerd door de
492 beleidsvoorbereidende commissies: (a) financieel management, (b) human resources
493 management, vrijwilligersbeleid en deskundigheidsbevordering, (c) marketing en communicatie,
494 (d) wedstrijdorganisatie en (e) organisatiemanagement.
495 2. Ten aanzien van het onderdeel Breedtesport worden de bondsraad en de rayonbesturen
496 bijgestaan door de beleidsvoorbereidende commissies: (a) 25 m 1 pijl, (b) Indoor, (c) Outdoor en
497 (d) Veld.
498 3. Ten aanzien van het onderdeel Topsport wordt het bondsbestuur geadviseerd door de
499 beleidsvoorbereidende commissies: (a) topsportcommissie, (b) atletencommissie en (c)
500 medische commissie.
501 4. Een beleidsvoorbereidende commissie is, op het gebied waarin de commissie werkzaam is,
502 belast met het voorbereiden van een door de bondsraad vast te stellen meerjarenbeleidplan en
503 het adviseren en afstemmen van de jaarplannen van het door het bondsbestuur vast te stellen
504 jaarplan, welke worden voorbereid door teams (onderdeel topsport), professioneel kader
505 (onderdeel organisatie) en rayonbesturen (onderdeel rayonjaarplan breedtesport).
506 5. De beleidsvoorbereidende commissies breedtesport zijn elk samengesteld uit de
507 rayonbestuursleden die belast zijn met de desbetreffende discipline.
508 6. De beleidsvoorbereidende commissie topsport is samengesteld uit de bondscoaches en
509 teammanagers van de afzonderlijke teams.
510 7. De atletencommissie is als beleidsvoorbereidende commissie samengesteld uit
511 vertegenwoordigers van topsporters die zitting hebben in de afzonderlijke teams.
512 8. De medische commissie is als beleidsvoorbereidende commissie samengesteld uit
513 functionarissen die betrokken zijn bij de fysieke en psychische begeleiding van de afzonderlijke
514 kernploegen.
515 9. De beleidsvoorbereidende commissie organisatie is samengesteld uit door het bondsbestuur in
516 functie op basis van kennis en kunde benoemde leden en uit vertegenwoordigers van de
517 rayonbesturen.
518 10. Een beleidsvoorbereidende commissie doet uiterlijk één februari van elk jaar aan het
519 bondsbestuur schriftelijk verslag van het in het afgelopen boekjaar voorbereide en uitgevoerde
520 beleid, alsmede van gerealiseerde activiteiten en projecten.
521 11. De beleidsvoorbereidende commissies worden bijgestaan door het professioneel kader
522
523 Artikel 16 -Taakgroepen, commissies en rsv's
524 I. Een taakgroep is een groep waarvan de leden worden benoemd door het bondsbestuur en /of het
525 rayonbestuur en die belast is met een speciale taak.
526 2. Het bondsbestuur en een rayonbestuur, alsmede de bondsraad en een rayonvergadering zijn
527 bevoegd permanente en tijdelijke taakgroepen en commissies in te stellen en de leden van die
528 taakgroepen en commissies te benoemen, te schorsen en te ontslaan.
529 3. Tenzij de samenstelling, taken en bevoegdheden van een taakgroep of van een commissie in de
530 statuten of een reglement is geregeld, worden deze bij besluit vastgesteld door het orgaan dat de
531 commissie heeft ingesteld.
532 4. Een taakgroep en een commissie zijn verantwoording verschuldigd aan het orgaan dat haar heeft
533 ingesteld.
534 5. Tenzij anders is bepaald of besloten, bestaat een commissie uit drie leden. De leden van een
535 permanente commissie worden telkens benoemd voor de duur van vier jaar en kunnen
536 aansluitend voor een periode van twee jaar worden herbenoemd.
537 6. Tenzij anders is bepaald of besloten, bestaat elke commissie uit een voorzitter, een secretaris en
538 uit een of meer leden en wordt de voorzitter in functie benoemd. De leden van een commissie
539 verdelen in onderling overleg de overige functies.

Statuten Nederlandse Handboog Bond
Versie: 4 september 2002 -12 -

540 7. Voor het door verenigingen gezamenlijk in regionaal verband doen organiseren van wedstrijden
541 kent de NHB onder het desbetreffende rayon rsv's waarin verenigingen samenwerken. De taken
542 en bevoegdheden van een rsv's kunnen nader in een reglement worden uitgewerkt.
543
544 Artikel 17 .Bureau
545 1. De NHB kent een bureau.
546 2. De directeur is belast met de dagelijkse gang van zaken, met de uitvoering van de besluiten van
547 het bondsbestuur en van de bondsraad, alsmede met het verrichten van werkzaamheden die op
548 grond van de met de directeur gesloten arbeidsovereenkomst zijn opgedragen of welke
549 anderszins door het bondsbestuur worden opgedragen. De directeur is alleen verantwoording
550 verschuldigd aan het bondsbestuur.
551 3. De directeur is voorts belast met de benoeming, schorsing en ontslag van de werknemers van de .
552 NHB. Deze zijn alleen aan de directeur verantwoording verschuldigd. Het bondsbestuur stelt de
553 arbeidsvoorwaarden van de directeur en de andere werknemers vast.
554 4. De directeur woont alle vergaderingen van het bondsbestuur en van de bondsraad bij, tenzij het
555 bondsbestuur of de bondsraad anders beslist.
556 5. De directeur wordt benoemd, geschorst en ontslagen door het bondsbestuur dat tevens de
557 voorwaarden van zijn dienstbetrekking schriftelijk vaststelt. Een besluit tot benoeming,
558 schorsing of ontslag wordt genomen met ten minste twee derden meerderheid.
559 6. Het bondsbestuur wijst een plaatsvervangend directeur aan, die de directeur bij diens
560 afwezigheid vervangt en dan dezelfde bevoegdheden als de directeur heeft.
561 7. Werknemers van de NHB kunnen geen enkele beleidsvoorbereidende en beleidsbepalende
562 functie in de NHB bekleden, anders dan omschreven in de taakprofielen en
563 arbeidsovereenkomst
564
565 Artikel 18 -Boekhouding en financiën
566 1. Het boekjaar van de NHB is gelijk aan het kalenderjaar.
567 2. De geldmiddelen van de NHB bestaan uit: contributies, bijdragen, entree- en inschrijfgelden,
568 boetes, uitkeringen, donaties, subsidies, legaten en andere inkomsten. Erfenissen en legaten
569 kunnen slechts worden aanvaard na boedelbeschrijving.
570 3. De leden zijn gehouden tot betaling van de contributie en andere bijdragen die de bondsraad
571 vaststelt De bondsraad kan voor bepaalde groepen van leden een verschillende contributie en
572 andere bijdragen vaststellen.
573 4. Tenzij de bondsraad in euig boekjaar anders beslist, is het bondsbestuur gerechtigd om jaarlijks
574 de contributie, heffingen en boetes aan te passen aan de voor het voorafgaande boekjaar door het
575 Centraal Bureau voor de Statistiek gepubliceerde prijsindexcijfer voor gezinsconsumptie, reeks
576 voor Werknemersgezinnen Laag.
577
578 Artikel 19 -Rekening en verantwoording
579 1. Het bondsbestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de NHB en van alles betreffende
580 de werkzaamheden van de NHB, naar de eisen die voortvloeien uitdeze werkzaamheden, op
581 zodanige wijze administratie te voeren en daartoe behorende boeken, bescheiden en andere
582 gegevensdragers op zodanige wijze te bewaren dat te allen tijde de rechten en verplichtingen van
583 de NHB kunnen worden gekend.
584 2. Het bondsbestuur is verplicht jaarlijks binnen zes maanden na afloop van het boekjaar de balans
585 en de staat van baten en lasten van de NHB op te maken en op papier te stellen. Het legt de
586 balans en staat van baten en lasten met een toelichting ter goedkeuring aan de bondsraad over.
587 Deze stukken worden ondertekend door de leden van het bondsbestuur. Heeft een lid van het
588 bondsbestuur de stukken niet ondertekend dan wordt daarvan onder opgave van de redenen
589 melding gemaakt.

Statuten Nederlandse Handboog Bond Versie: 4 september 2002 -13 -

590 3. Het bondsbestuur brengt op een binnen zes maanden na het einde van het boekjaar te houden
591 bondsraad een jaarverslag uit over de gang van zaken in de NHB en over het gevoerde beleid.
592 4. De bondsraad kan de in lid 3 genoemde termijn verlengen met ten hoogste vijf maanden. Na
593 afloop van de oorspronkelijke of de verlengde termijn kan ieder lid van de gezamenlijke leden
594 van het bondsbestuur in rechte vorderen dat zij hun verplichtingen nakomen.
595 5. Het bondsbestuur is verplicht de op de jaarrekening betrekking hebbende stukken en
596 gegevensdragers door een registeraccountant te doen onderzoeken. De registeraccountant brengt
597 van zijn bevindingen jaarlijks verslag uit aan de bondsraad. De registeraccountant oefent tevens
598 controle uit op de vermogenstoestand van de bond. Het bondsbestuur is verplicht de
599 registeraccountant ten behoeve van zijn onderzoek alle door hem gevraagde inlichtingen te
600 verschaffen, hem desgewenst de kas en de waarden te tonen en de boeken, bescheiden en andere
601 gegevensdragers van de NHB voor raadpleging beschikbaar te stellen.
602 6. Goedkeuring door de bondsraad van de balans en de staat van lasten met toelichting gebeurt
603 nadat is kennis genomen van de bevindingen van de verklaring van de registeraccountant.
604 Goedkeuring strekt het bondsbestuur tot décharge voor alle handelingen die uit die stukken
605 blijken.
606 7. De balans en de staat van baten en lasten met toelichting moeten op papier worden gesteld en
607 bewaard. Indien de boekhouding computermatig wordt gevoerd, kunnen -met uitzondering van
608 de op papier gestelde balans en de staat van baten en lasten -de op een gegevensdrager
609 aangebrachte gegevens op een andere gegevensdrager worden overgebracht en bewaard. Het
610 overbrengen van de gegevens moet alsdan met juiste en volledige weergave van de gegevens
611 geschieden, terwijl deze gegevens gedurende de volledige bewaartijd beschikbaar moeten zijn
612 en binnen redelijke tijd leesbaar moeten kunnen worden gemaakt
613 8. Het bondsbestuur is verplicht de dit artikel bedoelde boeken, bescheiden en andere
614 gegevensdragers gedurende zeven jaren te bewaren.
615
616 Artikel 20 -Bondsraad
617 1. De bondsraad is verantwoordelijk voor de vaststelling van het meerjarenplan van de NHB.
618 2. Voor het onderdeel breedtesport stelt de bondsraad op voorstel van de rayonbesturen het
619 jaarbeleid in de vorm van een nationaal jaarplan vast. Voor de onderdelen topsport en
620 organisatie stelt de bondsraad op voorstel van het bondsbestuur het meerjarenplan vast. De
621 vaststelling van het jaarplan van de onderdelen topsport en organisatie geschiedt door het
622 bondsbestuur.
623 3. De bondsraad bestaat uit twaalf meerderjarige bondsafgevaardigden, die door de
624 rayonvergaderingen in hun najaarsvergaderingen worden gekozen. De bondsafgevaardigden
625 van een rayon vertegenwoordigen in de bondsraad alle leden van hun rayon.
626 4. Elk rayon wordt in de bondsraad vertegenwoordigd door de voorzitter van het rayonbestuur,
627 alsmede door twee bondsafgevaardigden, die geen bestuurslid van het rayon mogen zijn en
628 evenmin lid van dezelfde onder dat rayon ressorterende vereniging. Bij hun benoeming wordt
629 zoveel als mogelijk een geografische spreiding van de bondsafgevaardigden binnen het rayon in
630 acht genomen. De kandidaatstelling, verkiezing en benoeming van de bondsafgevaardigden
631 geschiedt gelijktijdig met de kandidaatstelling, verkiezing en benoeming van de leden van de
632 rayonbesturen.
633 5. Een rayonvergadering kan voor elke bondsafgevaardigde een plaatsvervangend
634 bondsafgevaardigde benoemen, die de plaats van de bondsafgevaardigde inneemt zodra deze
635 tussentijds aftreedt. Alsdan neemt de vervangende bondsafgevaardigde op het rooster van
636 aftreden de plaats in van de bondsafgevaardigde die hij vervangt.
637 6. Bondsafgevaardigden worden benoemd voor de duur van vier jaar en kunnen telkens
638 aansluitend voor een periode van maximaal twee jaar worden herbenoemd. De
639 bondsafgevaardigden treden in functie de dag volgend op hun benoeming en treden af op de dag
640 volgend waarop hun benoemingsduur eindigt.

Statuten Nederlandse Handboog Bond
Versie: 4 september 2002 -14 -

641 7. Elke bondsafgevaardigde heeft één stem. Een geschorste bondsafgevaardigde heeft geen
642 stemrecht.
643 8. Een bondsafgevaardigde treedt af op de dag dat zijn lidmaatschap van de NHB eindigt en voorts
644 op de dag waarop hij tot lid van het bondsbestuur, de tuchtcommissie of de commissie van
645 beroep wordt benoemd, dan wel niet meer onder zijn rayon ressorteert.
646
647 Artikel 21 -Het bijeenroepen van de bondsraad
648 I. Jaarlijks worden twee vergaderingen van de bondsraad gehouden:
649 a. de voorjaarsvergadering welke uiterlijk dertig juni wordt gehouden;
650 b. de najaarsvergadering welke uiterlijk dertig december wordt gehouden.
651 2. De bijeenroeping gebeurt door een mededeling in de officiële mededelingen of door een
652 schriftelijk oproep aan de bondsafgevaardigden, aan de verenigingen en aan de rayons.
653 3. De termijn van oproeping bedraagt ten minste vier weken. Het bondsbestuur kan in bijzondere
654 gevallen de termijn van oproeping bekorten.
655 4. Een buitengewone bondsraad wordt gehouden indien het bondsbestuur dit nodig acht.
656 5. Voorts wordt een buitengewone bondsraad gehouden indien ten minste zoveel
657 bondsafgevaardigden als bevoegd zijn tot het uitbrengen van een tiende gedeelte van de
658 stemmen in de bondsraad het bondsbestuur daarom verzoekt. Het verzoek bevat een opgave van
659 het te behandelen onderwerp, voorzien van een toelichting. Indien het bondsbestuur niet binnen
660 veertien dagen aan het verzoek gevolg heeft gegeven door binnen vier weken een bondsraad te
661 doen houden, kunnen de verzoekers zelf tot die bijeenroeping overgaan op de wijze waarop het
662 bondsbestuur de bondsraad bijeenroept of door het plaatsen van een advertentie in een
663 veel gelezen dagblad. De verzoekers kunnen alsdan anderen dan bondsbestuursleden belasten
664 met de leiding van de bondsraad en het opstellen van de notulen.
665 6. Behalve in het in het vorige lid bedoelde geval, bepaalt het bondsbestuur waar en wanneer een
666 bondsraad wordt gehouden.
667
668 Artikel 22 -Toegang bondsraad
669 1. Alle bondsafgevaardigden hebben toegang tot de vergadering van de bondsraad. Voorts hebben
670 toegang degenen die door het bondsbestuur of door de bondsraad zijn toegelaten.
671 Bondsafgevaardigden die geschorst zijn, hebben geen toegang tot de vergadering van de
672 bondsraad. Met uitzondering van de leden van het bondsbestuur en bondsafgevaardigden,
673 mogen leden niet aan de beraadslaging deelnemen.
674 2. Vergaderingen van de bondsraad zijn openbaar. De bondsraad gaat in een besloten vergadering
675 over indien de voorzitter, het bondsbestuur of ten minste drie bondsafgevaardigden leden hierom
676 verzoeken. Tot een besloten vergadering hebben toegang alle niet -geschorste
677 bondsafgevaardigden, de leden van !Iet bondsbestuur en degenen die door de bondsraad worden
678 toegelaten.
679 3. De bondsraad beslist in een besloten vergadering of de redenen die tot het aanvragen van een
680 besloten vergadering zijn aangevoerd, een besloten vergadering rechtvaardigen. Is dit niet het
681 geval, dan wordt de vergadering in het openbaar voortgezet.
682 4. Over wat in een besloten vergadering is behandeld, kan geheimhouding worden opgelegd aan
683 hen die daarbij aanwezig of vertegenwoordigd waren.
684
685 Artikel 23 -Agenda
686 1. Tegelijk met de bijeenroeping van de vergadering van de bondsraad wordt de voorlopige agenda
687 door publicatie in de officiële mededelingen en door toezending ter kennis van de
688 bondsafgevaardigden, de verenigingen en de rayonbesturen gebracht. Publicatie of toezending
689 van de definitieve agenda geschiedt uiterlijk twee weken voor de dag waarop de vergadering van
690 de bondsraad wordt gehouden.
691 2. De agenda van de voorjaarsvergadering bevat in ieder geval:

Statuten Nederlandse Handboog Bond
Versie: 4 september 2002 -15 -


692 a. het vaststellen van de notulen van de vorige bondsraad;
693 b. het jaarverslag van het bondsbestuur;
694 c. het financieel verslag van het bondsbestuur;
695 d. het verslag van de kascommissie;
696 e. het vaststellen van de balans en van de staat van baten en lasten over het afgelopen boekjaar;
697 f. het verlenen van décharge aan de leden van het bondsbestuur;
698 g. het voorzien in vacatures;
699 h. de behandeling van wijzigingen in de statuten of in een reglement;
700 i. de rondvraag.
701 3. De agenda van de najaarsvergadering bevat in ieder geval:
702 a. het vaststellen van de notulen van de vorige bondsraad;
703 b. het vaststellen van contributies en andere bijdragen;
704 c. het vaststellen van de begroting voor het volgend boekjaar;
705 d. het voorzien in vacatures;
706 e. de behandeling van wijzigingen in de statuten of in een reglement;
707 f. de rondvraag.
708 4. Uiterlijk drie weken voor de dag van de bondsraad kunnen ten minste drie bondsafgevaardigden
709 een op een rayonvergadering besproken voorstel of amendement schriftelijk bij het
710 bondsbestuur indienen, welke voorzien is van een toelichting. Indien de bondsraad meent dat
711 een voorstel of amendement te ingrijpend is om deze -zonder in de andere rayonvergaderingen
712 te zijn behandeld -in de vergadering van de bondsraad te behandelen, kan zij besluiten het
713 voorstel of het amendement op de eerstvolgende vergadering van de bondsraad te behandelen.
714 5. De bondsraad kan geen besluiten nemen over voorstellen die niet in de agenda zijn vermeld,
715 tenzij de bondsraad anders beslist.
716
717 Artikel 24 -Besluiten
718 1. Het in dit artikel bepaalde is van toepassing op alle besluiten die in de NHB worden genomen.
719 Lid 8 is alleen van toepassing op de besluitvorming in de vergadering van de bondsraad.
720 2. De voorzitter van een orgaan of van een commissie leidt de vergadering. De bondsraad wordt
721 geleid door de voorzitter van het bondsbestuur. De voorzitter stelt daarin de orde van de
722 vergadering vast, behoudens het recht van de vergadering daarin wijziging te brengen.
723 3. Tenzij in de statuten of in een reglement anders is bepaald, worden besluiten in vergaderingen
724 genomen met een gewone meerderheid van de uitgebrachte stemmen. Onder meerderheid wordt
725 verstaan meer dan de helft van de door stemgerechtigden uitgebrachte stemmen, zo nodig door
726 afronding naar boven. Indien stemmen staken is geen meerderheid behaald.
727 4. Ongeldige stemmen zijn stemmen uitgebracht door een geschorste stemgerechtigde en wanneer
728 schriftelijk is gestemd voorts blanco stemmen en stemmen die een andere aanduiding bevatten
729 dan voor de desbetreffende stemming noodzakelijk is.
730 5. Tenzij in de statuten anders is bepaald, brengt iedere stemgerechtigde in de desbetreffende
731 vergadering één stem uit. Een stemgerechtigde kan één andere stemgerechtigde schriftelijk een
732 volmacht verlenen om namens hem in een vergadering zijn stem uit te brengen. Een
733 stemgerechtigde kan slechts door één andere stemgerechtigde worden gemachtigd
734 6. De stemming over personen gebeurt schriftelijk met gesloten stembriefjes. De stemming over
735 zaken gebeurt hoofdelijk door handopsteken of bij acclamatie. In beide gevallen kan de
736 vergadering tot een andere dan de voorgeschreven wijze van stemmen besluiten. In elk geval
737 wordt schriftelijk gestemd indien een stemgerechtigde een schriftelijke stemming verlangt.
738 7. Indien bij een stemming over personen geen van de kandidaten bij de eerste stemming een twee
739 derden meerderheid behaalt, wordt een tweede stemming gehouden tussen de kandidaten die het
740 hoogste respectievelijk het hoogste en het op één na hoogste aantal stemmen hebben behaald.
741 Staken bij de tweede stemming de stemmen, dan wordt een derde stemming gehouden.

Statuten Nederlandse Handboog Bond
Versie: 4 september 2002 -16-

742 Benoemd is die kandidaat die bij de tweede of de derde stemming de gewone meerderheid haalt,
743 of door loting na een derde stemming is aangewezen.
744 8. Bij een schriftelijke stemming in de bondsraad benoemt de voorzitter een stembureau van drie
745 leden, die geen lid van het bondsbestuur mogen zijn. Het stembureau onderzoekt de geldigheid
746 van de uitgebrachte stemmen, berekent de uitslag en doet daarvan mededeling.
747 9. Het door de voorzitter uitgesproken oordeel over de uitslag van een stemming is beslissend.
748 Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit, voor zover werd gestemd over een niet
749 schriftelijk vastgelegd voorstel. Wordt onmiddellijk na het uitspreken van het oordeel van de
750 voorzitter de juistheid daarvan betwist, dan wordt het te nemen besluit schriftelijk vastgelegd en
751 vindt een nieuwe stemming plaats, indien de meerderheid van de vergadering dit verlangt of -
752 wanneer de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk gebeurde, een
753 stemgerechtigde dit verlangt. Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de
754 oorspronkelijke stemming.
755 10. Over alle voorstellen en voorstellen tot wijziging wordt in volgorde van indienen gestemd, tenzij
756 naar het oordeel van de voorzitter een later ingediend voorstel een verder reikende strekking
757 heeft dan een eerder ingediend voorstel en daardoor eerder dient te worden behandeld.
758 11. Wanneer een voorstel tot wijziging is ingediend, komt dit eerst in stemming. Een voorstel tot
759 wijziging van een geagendeerd onderwerp mag niet de strekking hebben het doel van het
760 voorstel te wijzigen of aan te tasten, zulks ter uitsluitende beoordeling van de voorzitter.
761 12. Indien voor het aannemen van een voorstel een gekwalificeerde meerderheid is vereist, geldt
762 dezelfde meerderheid voor het aannemen van een voorstel tot wijziging op het voorstel.
763
764 Artikel 25 -Nietigheid en vernietigbaarheid van besluiten
765 I. Een besluit van een orgaan dat in strijd is met de wet of met de statuten, is nietig, tenzij uit de
766 wet anders voortvloeit. Een nietig besluit mist rechtskracht.
767 2. Is een besluit nietig, omdat het is genomen ondanks het ontbreken van een door de wet of de
768 statuten voorgeschreven voorafgaande handeling of mededeling aan een ander dan het orgaan
769 dat het besluit heeft genomen, dan kan het door die ander worden bekrachtigd. Is voor de
770 ontbrekende handeling een vereiste gesteld, dan geldt dat ook voor de bekrachtiging.
771 3. Bekrachtiging is niet meer mogelijk na afloop van een redelijke termijn die aan de ander is
772 gesteld door het orgaan dat het besluit heeft genomen of door de wederpartij tot wie het was
773 gericht.
774 4. Een besluit van een orgaan is, onverminderd het elders in de wet over de mogelijkheid van een
775 vernietiging bepaalde, vernietigbaar:
776 a. wegens strijd met wettelijke of statutaire bepalingen die het tot stand komen van het besluit
777 regelen;
778 b. wegens strijd met de redelijkheid en billijkheid.
779 c. wegens strijd met een reglement.
780 5. Tot de in lid 4 bedoelde bepalingen behoren niet die welke de voorschriften bevatten waarop in
781 lid 2 wordt gedoeld.
782 6. De bevoegdheid om vernietiging van een besluit te vorderen, vervalt een jaar na het einde van
783 de dag, waarop hetzij aan het besluit voldoende bekendheid is gegeven, hetzij een
784 belanghebbende van het besluit kennis heeft genomen of daarvan is verwittigd.
785 7. Een besluit dat vernietigbaar is op grond van het bepaalde in lid 4 onder a., kan door een daartoe
786 strekkend besluit worden bevestigd. Voor dit besluit gelden dezelfde vereisten als voor het te
787 bevestigen besluit. Bevestiging is niet mogelijk zodra een vordering tot vernietiging aanhangig
788 is gemaakt. Indien de vordering wordt toegewezen, geldt het vernietigde besluit als opnieuw
789 genomen door het latere besluit, tenzij uit de strekking van dit besluit het tegendeel voortvloeit.
790
791 Artikel 26 Reglementen en uitvoeringsbesluiten

Statuten Nederlandse Handboog Bond Versie: 4 september 2002 -17 -

792 1. De organisatie van de NHB alsmede de taken en bevoegdheden van haar organen en commissies
793 kunnen nader worden uitgewerkt in reglementen.
794 2. Reglementen worden met een gewone meerderheid vastgesteld en gewijzigd door de bondsraad.
795 Ten aanzien van het Tuchtreglement geldt het bepaalde in artikel 7.
796 3. Nieuwe reglementen en wijzigingen in reglementen, alsmede uitvoeringsbesluiten treden in
797 werking op de veertiende dag na de dag waarop de bondsraad tot vaststelling of wijziging van
798 het reglement heeft besloten. In de statuten, in een reglement of bij besluit van de bondsraad kan
799 een andere datum van inwerkingtreden worden bepaald. Van een nieuw reglement, van een
800 wijziging van een reglement en van een uitvoeringsbesluit wordt in de officiële mededelingen of
801 op andere wijze mededeling aan de leden gedaan met vermelding van de datum van
802 inwerkingtreding.
803 4. In gevallen waarin de statuten en een reglement niet voorzien, beslist het bondsbestuur.
804 5. Het bondsbestuur is bevoegd om in spoedeisende gevallen met een algemeen karakter, die een
805 nadere regeling vereisen een uitvoeringsbesluit vast te stellen. Het uitvoeringsbesluit heeft de
806 kracht van een reglement, is voor alle leden bindend vanaf de datum van bekendmaking en dient
807 door de eerst volgende bondsraad te worden bekrachtigd, dan wel alsdan als bepaling in de
808 statuten of in een reglement te worden opgenomen. Een uitvoeringsbesluit mag niet in strijd zijn
809 met de statuten en reglementen.
810 6. Tevens kan het bondsbestuur in de vorm van een uitvoeringsbesluit voor een bepaalde tijdsduur
811 heffingen, bedragen op percentages vaststellen.
812 7. Ieder lid wordt geacht de statuten, reglementen en uitvoeringsbesluiten te kennen, waaronder
813 begrepen de wedstrijdbepalingen en de op grond van het Dopingreglement gepubliceerde
814 dopinglijsten, alsmede alle mededelingen die als officiële mededelingen zijn gepubliceerd.
815 8. Alle officiële mededelingen van organen van de NHB worden bekend gemaakt in 'Officiële
816 Mededelingen' van de NHB.
817
818 Artikel 27 -Wijziging van statuten
819 1. In de statuten van de NHB kan geen wijziging worden gebracht dan door een besluit van een
820 bondsraad, waartoe is opgeroepen met de mededeling dat aldaar wijziging van de statuten zal
821 worden voorgesteld. De termijn voor oproeping tot een zodanige vergadering bedraagt ten
822 minste vier weken.
823 2. Zij die de oproeping tot de bondsraad ter behandeling van een voorstel tot statutenwijziging
824 hebben gedaan, moeten ten minste vijf weken vóór de bondsraad een voorstel tot
825 statutenwijziging, waarin de voorgestelde wijziging woordelijk is opgenomen en welke is
826 voorzien van een toelichting, op een daartoe geschikte plaats voor de leden ter inzage leggen tot
827 na afloop van de dag waarop de bondsraad wordt gehouden. Bovendien wordt een afschrift van
828 het voorstel toegezonden aan de bondsafgevaardigden, de verenigingen en aan de
829 rayonbesturen.
830 3. Een besluit tot wijziging van de statuten kan slechts door de bondsraad met tenminste twee
831 derden van de uitgebrachte stemmen worden genomen.
832 4. Het bepaalde in lid 2 en 3 is niet van toepassing indien in de bondsraad alle
833 bondsafgevaardigden aanwezig of vertegenwoordigd zijn en het besluit tot statutenwijziging met
834 algemene stemmen wordt genomen.
835 5. Een statutenwijziging treedt niet eerder in werking dan nadat hiervan een notariële akte is
836 opgemaakt. Tot het doen verlijden van de akte is ieder lid van het bondsbestuur bevoegd, dat
837 bevoegd is de NHB te vertegenwoordigen.
838 6. De leden van het bondsbestuur zijn verplicht een authentiek afschrift van de wijziging en van de
839 gewijzigde statuten neer te leggen op het kantoor van het Handelsregister waarin de NHB is
840 ingeschreven.
841
842 Artikel 28 -Ontbinding en vereffening

Statuten Nederlandse Handboog Bond
Versie: 4 september 2002 -18 -

843 1. Een besluit tot ontbinding van de NHB kan alleen worden genomen in een daartoe speciaal
844 bijeengeroepen bondsraad. Het bepaalde in het vorige artikel is van overeenkomstige toepassing.
845 2. Indien de bondsraad tot ontbinding van de NHB heeft besloten, treden de leden van het
846 bondsbestuur als vereffenaar op, tenzij de bondsraad de vereffening aan een derde opdraagt.
847 3. Na de ontbinding blijft de NHB voortbestaan voor zover dit voor de vereffening van het
848 vermogen nodig is. Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van de statuten voor zoveel
849 mogelijk van kracht. In stukken en aankondigingen die van de NHB uitgaan, wordt aan de naam
850 toegevoegd "in liquidatie".
851 4. De bondsraad benoemt een bewaarder die de boeken en bescheiden van de NHB zal bewaren
852 gedurende zeven jaar na afloop der vereffening. De bondsraad kan de bewaarder een bewaarloon
853 toekennen. Is geen bewaarder aangewezen en is de laatste vereffenaar niet bereid te bewaren,
854 dan kan de bevoegde kantonrechter op verzoek van een belanghebbende uit de leden een .
855 bewaarder aanwijzen.
856 5. Bij besluit tot ontbinding beslist de bondsraad welke bestemming aan het batig saldo wordt
857 gegeven, nadat alle verplichtingen zijn vereffend en rekening is gehouden met de sociale
858 belangen van de werknemers van de NHB. Deze bestemming dient zoveel mogelijk aan te
859 sluiten bij de doelstellingen van de NHB

Cc Mr. F.C. Kollen (Van Diepen Van De Kroef Advocaten, Bussum)